Lichten, rotonde en voorrangsvoertuigen

Oefen deze leerlijn

  1. 1Lichten, zwaailicht en rotondeHet licht, de sirene, de rotonde, de tram en de trein.
    • Verkeerslichten
    • Zwaailicht en sirene
    • De rotonde
    • De overweg
    • De tram
    Uitleg: Het licht beslist · Zwaailicht en sirene gaan voor · Op de rotonde gaat voor wie erop rijdt · De trein gaat altijd voor · De tram gaat voor
    · 15